het laden van het geluidsbestand kan even duren afhankelijk van de snelheid van uw internetverbinding

KLIK HIER OM TERUG TE GAAN

 
Fiddlers Green een gevoelig lied over waar de vissersman heen gaat na zijn leven op zee. In dit fragment hoort u de solisten Pieter Zuidema en Alli Pantjes.
 
Dit prachtige lied wordt door velen aangezien als een Traditional maar dat is het NIET. In 1966 schreef en componeerde de beroemde Ierse liedjesschrijver en zanger JOHN CONOLLY dit lied en deed dat zo goed dat het dus nu nog steeds het compliment krijgt als zijnde een traditional. Fiddlers Green was de algemene benaming voor Sailortowns. Dus de wijken in de grote havens waar de zeeman zich kon uitleven na een lange reis. Je vond er pensions, zeemanshuizen, danshallen, kroegen en bordelen. Het was de ideale plaats voor de zeeman, zijn Hof van Eden, Utopia of het Paradijs. 
 
Toen ik op een mooie avond bij de haven rondzwierf
Om het kalme water te zien en de zilte lucht te proeven
Hoorde ik een oude visser dit lied zingen
“O neem me mee, jongens, ik zal het niet lang meer maken”.
 
Doe me m’n oliejas en m’n trui aan,
Ze zullen me niet meer bij de haven zien
Vertel wel m’n oude scheepsmaten,
Dat ik een reis maak, en ik zal jullie weleens weer zien in Fiddler’s Green.
 
Ik heb horen vertellen dat Fiddler’s Green een plaats is
Waar vissers naar toe gaan als ze niet naar de hel gaan.
Waar het goed weer is en de dolfijnen spelen
En de koude kust van Groenland ver, ver weg is.
 
De lucht is altijd blauw en er is nooit een storm
En de vissen springt aan boord met een zwiep van hun staart.
Je kan op je gemak gaan liggen, er is geen werk te doen
En de schipper is beneden thee aan het zetten voor de bemanning.
 
En als je in de haven bent en de lange reis voorbij is
Zijn daar de kroegen en café’s en zijn daar ook de meisjes
De meisjes zijn allemaal knap, het bier is helemaal gratis,
En aan iedere boom groeien flessen rum.
 
Ik wil geen harp of een stralenkrans, o nee, ik niet.
Geef mij maar een briesje en een zee met flinke golven.
Ik zal op mijn oude trekharmonica spelen als we zo zeilen
Met de wind die in het want een lied voor me zingt.
 
 
 
 
naar boven